Stan Ackermans (brief)

Montreux 5 juni 1995*

Aan Prof ir G.H.A. van Eyk
Postbus 809
NL 5600 AV Eindhoven

van Stan Ackermans

Beste Gérard,

Voor mij een van de moeilijkste dingen is het op papier krijgen van gedachten waar je al lang mee rondloopt zonder er echt de vingers achter te krijgen. Zo heb ik met een reaktie op jouw afscheidscollege weer net zo lang gewacht dat ik net even over tijd zal zijn met mijn opmerkingen. Mijn excuses hiervoor! Voor mij zit er ook een positieve kant aan want ik schrijf nu onder de paradijselijke omstandigheden van een balcon aan onze hotelkamer in Montreux, direct aan het meer in een omgeving van gesluierde zon en echte Zondagsrust met hoge besneeuwde alpentoppen aan de overkant van het water.

Ik had je al gezegd dat je beeld van een/de ingenieursopleiding mij fascineert; lezend ben ik het bijna passage voor passage met je eens; maar de uiteindelijke synthese bevalt mij niet helemaal. Ik denk dat wij een verschil van interpretatie hebben voor één (tenminste één) van de fundamentele begrippen in het geheel. (Dit is een gevaarlijk punt want we zouden hier uren over kunnen praten)

Proberenderwijs zou het kunnen zijn dat we elk wat anders verstaan onder 'wetenschap'. Voor mij is wetenschap een gestructureerde hoeveelheid kennis (en kennis 'is-ongelijk-aan' informatie!) met een aantal regels en methoden die aangeven hoe met die verzameling kennis kan en mag worden omgegaan. Een probleem is dat die regels vaak niet expliciet geformuleerd zijn maar wel onaantastbare geldigheid hebben binnen een discipline. (discipline 'is-ongelijk-aan' wetenschap; discipline is a.h.w. een deelverzameling die zo beperkt is dat de beoefenaren getrained kunnen worden in één gedragspatroon; dit is opnieuw een punt voor discussie, er zit schijnbaar een cirkelredenering in.)

Wetenschapsbeoefening is het omgaan met wetenschap volgens de juiste regels.

Een van de dingen die men met wetenschap kan doen, is haar uitbreiden. Dat heet onderzoek en die methoden die toegelaten zijn, zijn bekend, zij het dat ze verschillen bij rechten, menswetenschappen, sterrenkunde etc. Voor mij is onderzoek dus een voorbeeld van Wetenschapsbeoefening, maar niet de enige. Men kan de wetenschap ook gebruiken, volgens helaas nog minder goed gekende regels (maar wacht op Henk Trum), om practische problemen op te lossen. Afhankelijk van het bewerkte terrein is men dan arts of weerkundige, of ingenieur. Ontwerpen is aldus een vorm van wetenschapsbeoefening die gelijkwaardig doch enigszins verschillend is (zie Herbert Simon) van het onderzoek.

Gérard, anders dan filosoferend verder te gaan wil ik enkele passages in je tekst aangeven, waar mijn taal zou verschillen van de jouwe. Ik hoop dat mijn nuances dat wat duidelijker worden, want in de praktijk is de samenhang tussen toepassen en uitbreiden van de wetenschap heel gecompliceerd en zijn ontwerp en onderzoek ook altijd verweven.

Politiek hebben we bij IVO verschillende taken: de maatschappelijke en academische status van ontwerpen (vandaar onze zorg voor promoties door vervaardiging van een proefontwerp!) te vergroten, goede ontwerpersopleidingen te verzorgen, en daarbij de afstand tussen de universitaire wereld en het MKO te verkleinen.

In passage A4 blz 3: Ontwerpen is geen wetenschap evenmin als onderzoek zelf wetenschap is. Beide zijn vormen van wetenschapsbeoefening.

Bovenaan blz 4. Ik geloof niet zo erg in weten als einddoel van de onderzoeker. Beide: onderzoeker en ontwerper willen beheersing van de natuur en samenleving zij het met andere middelen.

Eind van B. Welke notities jij van mij hebt weet ik niet, maar ik heb de laatste jaren tamelijk vaak hetzelfde gezegd!

B2 (kleine druk) Wat zijn wetenschappelijke feiten? De vergelijking tussen wetenschappelijk en ambachtelijk zoals die vaak gebruikt wordt is inderdaad buitengewoon fout. Wel noem ik sommigen wetenschappelijke ontwerpers en anderen ambachtelijke ontwerpers afhankelijk van de rol die ze wetenschap (incl methoden) bij hun werk laten spelen.

Verdergaande pik ik nog enkele voorbeelden.

Ook het bedrijfsleven discrimineert in de praktijk. Dit lijkt een autodestructieve instelling. Het zou (einde C1) leuk zijn een verband te leggen tussen de wijze waarop NASA zondebokken en helden aanwijst en NASA's eigen toekomst.

De tweedeling I en II spreekt mij niet aan. (blz 5) Wiskunde is een wetenschap die kan met uitbreiden of toepassen. Wiskunde kan zowel bij technisch onderzoek als bij ontwerpen nuttig of nodig zijn. Ook ontwerpers mogen/moeten haar gebruiken.

Naast een eigen wetenschap is wiskunde ook een taal, en daarin is een groot stuk wetenschap geschreven; die taal kan men het beste leren op een jonge leeftijd.

Wiskunde is ook en dat is haar derde rol een rijke bron van rationalistische methoden. Zij blijkt de geest zo te kunnen beïnvloeden dat creativiteit schade kan lijden. Hier is voorzichtigheid geboden en zou in een opleiding tegenwichten aangebracht moeten worden: mathematiek vs ethiek vs estethiek bijv.

Met je passage D1 ben ik het hartelijk eens; Zoals trouwens met bijna alles wat je over didaktiek zegt.
Voorzover ik daar kijk op heb kan de faculteit IO veel hebben aan je verhaal omdat je duidelijk stelling neemt in een discussie die niet opnieuw naar de achtergrond mag verschuiven.

Ik hoop dat je iets aan mijn reaktie hebt die ik thans afsluit. Ook als je er niets mee kunt (bv omdat hij te laat is) beschouw hem dan als teken van waardering van je krachtige verhaal en als blijk van vriendschap. Ik zou het zeer waarderen enkele van de aangeroerde punten uitvoerig met je te bespreken.

Hartelijke groeten, Stan.

Posten in Eindhoven, lijkt toch het snelste, Stan


*Het origineel is de handgeschreven brief de Stan mij stuurde n.a.v. mijn concept (vermoedelijk het tweede) en een gesprek daarover. Over het onderwerp hadden we al vaker --los van mijn afscheidsrede-- gesproken.
In het (huidige) origineel staan veel meer onderstrepingen dat de drie hierboven. Die zijn van mij. Het 'is-ongelijk-aan' staat in de brief natuurlijk als het gelijkteken met een schuine streep erdoor. (Hier faalt html of ik) De datum van 1995 moet een vergissing zijn. Het was 1994; de fax, drie dagen later zegt 1994.
San Sebastián de La Gomera, 26 Oktober 2002 terug naar aanhef

Brief* van Stan Ackermans met commentaar op mijn concept.